Rode aalbessen

Rode bessen zijn als klein fruit zeer geschikt als onderdeel van een natuurlijke tuin. In de natuur vind je ze vooral in de bosrand. Het is een inheemse plant. In voedselbossen en permacultuur tuinen kom je ze zeker tegen. Door te kiezen voor verschillende rassen kun je de oogst spreiden van juli tot augustus of zelfs september. De teelt is vrij eenvoudig.

In het oktober snoei je de struik en geef je wat compost. Ook bij fruitteelt geldt hoe groter de diversiteit, hoe gezonder het ecosysteem. Zet daarvoor rond en onder je bessenstruiken botanische verwilderingbolletjes, zoals: sneeuwklokje, winteraconieten, krokussen, vogelmelk en narcissen. Denk ook aan daslook, Oost Indische kers of goudsbloemen.

In het voorjaar bloeit de struik met onopvallend geel/groene bloemen. In juli komen de bessen.

Er zijn verschillende soorten aalbessen. In de winkel zien we vooral de rode, maar er zijn ook witte en roze aalbessen. De witte zijn wat zoeter van smaak. Combineer je rode en witte aalbessen met zwarte bessen dan heb je cassis.

Aalbessen zijn net als andere fruitsoorten erg gezond. Ze zijn rijk vitamines (vitamine C), mineralen (kalium) en voedingsvezels. Daarnaast bevat fruit een groot aantal bioactieve stoffen, zoals carotenoïden, lycopenen en flavonoïden.

Verder is ook bekend dat het eten van 200 gram fruit per dag het risico op hartziekten en beroerte verlaagd. Ook hangt het samen met een lagere kans op type 2 diabetes, darmkanker en longkanker.