Kappertjes van zaden van de Oost Indische kers

Oost Indische kers is een veelzijdige plant. Vaak zet je hem in de tuin als vangplant voor luizen. Zitten er geen luizen op dan kun je het blad gebruiken in de sla of er een pesto van maken. De bloemen zijn zeer decoratief en lekker in een salade. Maar je kunt er ook een kruidenboter mee opvrolijken. De bloemen hebben een vrij pittige smaak.

Als de bloemen zijn uitgebloeid worden er zaden gevormd, van deze zaden kun je kappertjes maken. Deze kappertjes kun je als smaakmaker aan sausjes, pesto of salades toevoegen.

kappertjes

Wat heb je nodig:
1 flinke kop verse zaden van de Oost Indische kers, pluk ze het liefst zelf van de plant
1 eetlepel grof zeezout
10 peperkorrels
1 theelepel dillezaad of een dille bloemscherm
2 laurierblaadjes
Goede witte wijnazijn
Een schone jampot (uitgekookt met soda)

Bereiding:
Meng de zaden met het zeezout en laat het een nacht staan.
Spoel het zout van de zaden.
Doe de zaden samen met de peperkorrels, dille en laurier in de jampot.
Giet de azijn in de pot tot de zaden helemaal onder staan.
Is je pot nog niet helemaal vol, je kunt telkens nieuwe zaden toevoegen tot je pot vol is.

Laat dit een paar maanden staan op een koele, donkere plek.

Variatie: voeg knoflook of andere kruiden naar smaak toe.

In plaats van de zaden van de Oost Indische kers kun je ook de bloemknoppen van de  paardenbloem of madeliefjes gebruiken.